Linolzuur, wie kent het niet? Vooral in de 70’er en 80’er jaren werd het aangeprezen als een levensreddend vetzuur dat hart- en vaatziekten zou voorkomen. Het zit nog steeds in plantaardige margarines, bak- en braadproducten, sauzen, mayonaise, chips, koekjes, borrelnootjes en in talloze plantaardige oliën. De gedachte over linolzuur was in de hoogtijdagen van de cholesterol doctrine gebaseerd op de discutabele interpretaties van de onderzoeken van Ancel Keys, ook wel bekend als The Seven Countries Study.

Soms veranderen inzichten in de loop der tijd, vaak voorafgaand aan verandering van voorschriften. Linolzuur is de afgelopen jaren in een totaal ander daglicht komen te staan. Voorheen was het dé grote beschermengel tegen hart- en vaatziekten. In het heden blijkt het een negatief effect te hebben op onze gezondheid.

Beloningssystemen

Voordat we hier dieper op ingaan, vertellen we eerst meer over twee interessante beloningssystemen die een grote rol spelen in onze vetopslag en verzadigingsmechanismen.

De mens kent twee grote modulatie- en beloningssystemen. Het eerste systeem is het endorfinesysteem. Dit systeem wordt vooral in gang gezet door dopaminebeloning. Het ‘continu aanstaan’ in onze Westerse maatschappij overbelast dit systeem en put het uiteindelijk uit. Het grote aantal pushberichten dat 24/7 binnenkomt op je mobiele telefoon, de vele suiker dat is verwerkt in onze voeding, het nuttigen van alcohol, een actief seksleven en gamen. Dit is slechts een kleine greep uit de dagelijkse prikkels die een constante wissel op het endorfinesysteem trekken.

Het tweede systeem is het endocannabinoide systeem (ECS). Dit is een tweeledig systeem waarvan de ene poot een belangrijke rol speelt in de regulatie van stress, pijn, bloeddruk, insulinehuishouding en het waak- en slaapritme. De tweede poot staat vooral aan de basis van velerlei herstelmechanismen. Het reguleert onder andere ontstekingen en wordt ook wel gezien als de anti-obesitas receptor.

Linolzuur

Wanneer het endocannabinoide systeem ontregeld raakt, ontstaan er onder meer problemen in de bloedlipiden huishouding. Vooral linolzuur blijkt dan een ’trigger’ te worden voor het ontstaan van chronische ontstekingen in de vaatwanden. Daarnaast wordt het linolzuur als extra vet opgeslagen in de witte viscerale vetcellen tussen onze organen. Linolzuur doet de buik groeien. Ook remt linolzuur de activiteit van onze bruine vetcellen. Het werkt als een soort van tikkende tijdbom, waarbij de ontstekingen steeds meer een chronisch karakter (laaggradige ontsteking – silent inflammation) krijgen. Het uiteindelijke gevolg is het ontstaan van het metabool syndroom.

Linolzuur blijft wel een essentiële voedingsstof, het heeft namelijk een belangrijke functie bij het reguleren van ontstekingsreacties. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) adviseert tegenwoordig om maximaal 2% van je totaal aantal calorieën uit linolzuur te halen.  Als je regelmatig eerder vernoemde linolzuurrijke producten nuttigt, overschrijd je deze norm behoorlijk. Met alle negatieve gevolgen van dien.

Ons advies? Mijd te veel linolzuur. Het komt dus vooral voor in fabrieksmatige plantaardige oliën producten, allerlei hippe plant based veganistische vleesvervangers en in plantaardige margarines. Ook zit het in veel fast food en andere gemaksproducten.